Wie is de lezer van mijn blad?

Een van de lastigste aspecten van het maken van een blad is de lezer. De keuze van onderwerpen, de schrijfstijl, de vormgeving: alles in het blad wordt gemaakt met de lezer in gedachten. Maar, wie is dat nou precies?

Gevarieerd publiek

Wie is de lezer van mijn blad?‘De wijkbewoner’ of ‘het lid van de patiëntenvereniging’ is zelden voldoende om het publiek van een wijkkrant of patiëntenmagazine te beschrijven. Hoewel een ziekte misschien mensen van een bepaalde leeftijdsgroep treft, of voornamelijk mannen of vrouwen, maakt het geen onderscheid tussen iemand met een mbo-diploma of met een universitaire opleiding. Of tussen een succesvolle ondernemer en iemand in de bijstand, tussen een liefhebber van hardrockconcerten of van Franse filmhuisfilms.

Dat lezers in dezelfde wijk wonen betekent ook allerminst dat ze veel gemeen hebben. Er wonen wellicht mensen met een koophuis en met een sociale huurwoning. Er woont een jong gezin met een fulltime werkende vader en een parttime werkende moeder. Een paar huizen verderop woont een gepensioneerde, alleenstaande timmerman. Maar ook een familie met een niet-Westerse achtergrond. Of een 18-jarige die nog thuis woont en net zijn beroepsopleiding heeft afgerond.

Juist wijkbladen en patiëntenmagazines hebben dus een veel gevarieerder publiek dan tijdschriften over damesmode of muziek. Wie dat gevarieerde publiek zo goed mogelijk wil bedienen wacht daarom een nobele, maar lastige taak. Er zijn namelijk nogal wat valkuilen.

Wie zie je niet?

Allereerst is dat de veronderstelling dat je jouw publiek kent. Je hebt bijvoorbeeld veel contacten in de wijk of bent actief tijdens bijeenkomsten van de patiëntenvereniging. Hoewel dit absoluut heel belangrijk is, ligt het risico op de loer dat je nogal wat zaken mist als je deze contacten als uitgangspunt neemt. Bij een vereniging is het altijd zo dat er actieve leden zijn die het voortouw nemen. In een wijk zijn er altijd bewoners die zichtbaarder zijn dan anderen. Maar wat weet je van de mensen op de achtergrond? Zijn ze minder geïnteresseerd in wat er speelt? Of zijn er andere redenen waarom ze minder aansluiting vinden?


Een blad kan het verschil maken daar
waar onderwerpen en mensen
minder zichtbaar zijn

 

Wat hoor je niet omdat mensen er niet voor uit durven te komen? Willen ze niet toegeven het blad nooit te lezen? Spreken ze zich tegenover jou liever niet uit over bepaalde ontwikkelingen in de wijk? Durft iemand niet aan te geven behoefte te hebben aan informatie over de invloed van een aandoening op het seksleven?

Juist daar waar onderwerpen en mensen minder zichtbaar zijn ligt de informatie waarmee een blad het verschil kan maken. Kortom, doe onderzoek naar wie jouw lezers zijn en vooral wie dat (nog) niet zijn. Ga in gesprek met degenen die je anders niet spreekt, zet een enquête op, zoek uit waar de behoeften liggen. Zorg dat via internet en sociale media op een laagdrempelige manier gereageerd kan worden en daar waar nodig eventueel anoniem. Voor wijkverenigingen is de website www.cbsinuwbuurt.nl een interessante bron van informatie voor allerlei gegevens over de buurt, zoals inkomen, leeftijdsopbouw en dergelijke.


Elk artikel voor álle lezers interessant willen maken levert

veilige, voorspelbare, kleurloze en dus saaie verhalen op

IJkpersonen

Op deze manier kun je een completer beeld krijgen van jouw publiek. Dan ligt echter ook de volgende valkuil op de loer: elk artikel voor álle lezers tegelijk interessant willen maken. Helaas levert dit voornamelijk veilige, voorspelbare, kleurloze en dus saaie verhalen op. Het tegenovergestelde, elk artikel voor een andere groep schrijven, levert een blad op dat een allegaartje aan stijlen is en totaal geen persoonlijkheid meer heeft.

Tussen deze twee uitersten zit een tussenweg. Je kunt een duidelijke basisstijl vastleggen wat betreft de toon en vormgeving van het blad, maar met genoeg bewegingsruimte om per artikel te variëren. Je kunt jouw artikel dan schrijven met in gedachten een ‘ijkpersoon’, ook wel ‘persona’ genoemd. Veel tijdschriften werken met een of meerdere van dit soort ijkpersonen. Dit zijn fictieve personen die (een deel van) het lezerspubliek vertegenwoordigen. Gebaseerd op wat de redactie van de lezers weet geven ze de ijkpersoon een naam, leeftijd, opleiding en/of werk, hobbies, familieleden, woonsituatie, enzovoorts. In het geval van een ijkpersoon ‘Ria’ wordt een artikel dan geschreven met vragen als ‘Vindt Ria dit interessant?’ of ‘Begrijpt Ria wat ik hiermee bedoel?’

Zeker voor een gevarieerd publiek kun je meerdere ijkpersonen opstellen, bijvoorbeeld Frans (68), Mirjam (39), Ali (43) en Jordy (18). Een artikel moet voor Frans niet onleesbaar worden, je kunt het wel belangrijker vinden dat Jordy het leest. Overdrijf het niet met het aantal ijkpersonen: liever weinig ijkpersonen die een duidelijk deel van het publiek vertegenwoordigen en die écht leven bij jou en jouw collega’s, dan een heleboel die vooral op papier bestaan.

Kortom …

Je zult het nooit iedereen naar de zin kunnen maken, maar met een goed beeld van de lezer kom je wel ver. Blijf dit ook in de loop der tijd toetsen aan de werkelijkheid. De samenleving verandert immers continu en daarmee ook de wensen en behoeften van de lezers. Aan jou en jouw collega’s de opgave daar op in te spelen. Een lastige, maar uiterst interessante en waardevolle taak!

Heb je iets aan dit verhaal? Laat het hieronder weten!

Op deze website plaatsen we vaker informatieve artikelen. Schrijf je in voor onze nieuwsbrief om op de hoogte te blijven. Volg ons ook op Twitter voor regelmatige #meotips

Illustraties: Nina van Doorene – Stichting MEO